Pensioen 1-2-3: laag 2

Via uw werkgever bouwt u pensioen bij bpfBOUW op. Dat is in uw cao vastgelegd. Elke pensioenuitvoerder heeft zijn eigen regeling. In dit Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in onze pensioenregeling.

Wat krijgt u in onze pensioenregeling?

ouderdomspensioen

Ouderdomspensioen

Via uw werkgever neemt u deel in de pensioenregeling van bpfBOUW en bouwt u ouderdomspensioen op. Dat ouderdomspensioen ontvangt u als u 67 jaar wordt, elke maand zolang u leeft. Uw ouderdomspensioen is een aanvulling op de AOW. De AOW is het pensioen dat u van de overheid ontvangt als u de AOW-leeftijd bereikt. Hoeveel pensioen u straks ontvangt van bpfBOUW is afhankelijk van de hoogte van uw salaris, de inhoud van de bpfBOUW-pensioenregeling en het aantal jaren dat u pensioen opbouwt.

Onze pensioenregeling is een uitkeringsovereenkomst

De pensioenregeling waaraan u deelneemt, is een uitkeringsovereenkomst. Elk jaar bouwt u pensioen op over een gedeelte van uw salaris. U bouwt niet over uw hele salaris pensioen op. Dit is omdat wij rekening houden met de AOW. Het deel van uw salaris waarover u geen pensioen opbouwt, heet ‘franchise’. Over het (maximum)brutoloon min de franchise bouwt u jaarlijks 1,738% aan ouderdomspensioen op. Het maximum loon bedraagt per 1 januari 2018 € 59.378,53.
partnerpensioen

Partnerpensioen voor uw partner

Partnerpensioen is het pensioen voor uw partner als u overlijdt. U bouwt partnerpensioen op als uw werkgever is aangesloten bij bpfBOUW. Meestal is partnerpensioen automatisch geregeld. Als u getrouwd bent of een geregistreerd partnerschap heeft, hoeft u uw partner niet aan te melden. Maar woont u samen of trouwt u in het buitenland, dan weten wij dat niet. Wilt u regelen dat uw partner een partnerpensioen krijgt als u overlijdt?

  • Als u samenwoont: meld uw partner dan aan. Dit kan als u een notarieel samenlevingscontract heeft. 
  • Als u in het buitenland woont en trouwt: stuur of mail ons een kopie van uw huwelijksakte.

Hoogte partnerpensioen

Hoeveel partnerpensioen uw partner krijgt, hangt af van uw situatie.

  • Werkt u in de bouw?
    Uw partner krijgt na uw overlijden het partnerpensioen dat u had kunnen opbouwen tussen 1 januari 2018 en de maand waarin u 67 zou worden. Hier komt 70% van het ouderdomspensioen bij dat u heeft opgebouwd tot 1 januari 2018.
  • Werkt u niet meer in de bouw?
    Uw partner krijgt dan het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd toen u nog in de bouw werkte.
  • Bent u al met pensioen?
    Uw partner krijgt dan het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd totdat u met pensioen ging.

Let op!

Het partnerpensioen voor uw partner en het wezenpensioen voor uw kinderen is lager als u overlijdt op een moment dat u niet meer werkt in de bouwnijverheid. Hoeveel partnerpensioen uw partner krijgt, ziet u op uw Uniform Pensioenoverzicht, in Mijn Bouwpensioen en op mijnpensioenoverzicht.nl.

Mogelijk recht op Anw-uitkering

Als u overlijdt, heeft uw partner misschien recht op een wettelijke nabestaandenuitkering van de overheid: de ANW-regeling. Hieraan zijn voorwaarden verbonden. Uw partner moet dan geboren zijn vóór 1950 of een of meer minderjarige kinderen te verzorgen hebben of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn. Meer informatie hierover kunt u vinden op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

wezenpensioen

Wezenpensioen voor uw kinderen

Het wezenpensioen voor uw kinderen is automatisch geregeld. U hoeft niet aan ons door te geven dat u kinderen heeft. Als u overlijdt, krijgen uw kinderen maandelijks een pensioenuitkering. Uw kinderen krijgen wezenpensioen tot 18 jaar. Studeren uw kinderen? Dan hebben zij recht tot hun 27e zolang zij studeren.


Hoogte wezenpensioen

De hoogte van het wezenpensioen is maximaal 6,5% van de laatste pensioengrondslag van de overledene. Dit verdubbelt als beide ouders overlijden. Hoeveel wezenpensioen uw kinderen krijgen, ziet u op uw Uniform Pensioenoverzicht, in Mijn Bouwpensioen en op mijnpensioenoverzicht.nl.
arbeidsongeschiktheidspensioen

Arbeidsongeschiktheidspensioen

Als u arbeidsongeschikt bent kunt u, afhankelijk van de sector waarin u werkt, recht hebben op een arbeidsongeschiktheidspensioen (of invaliditeitspensioen). Dit is een maandelijkse aanvulling op uw arbeidsongeschiktheidsuitkering van UWV. De hoogte van deze aanvulling is afhankelijk van:

  • Uw arbeidsongeschiktheidspercentage;
  • Uw salaris voordat u arbeidsongeschikt werd; 
  • Of u zelf nog salaris kunt verdienen;
  • Het UWV-dagloon;
  • Het soort WIA-uitkering die u van UWV ontvangt.

Premievrije voortzetting van uw pensioenopbouw bij arbeidsongeschiktheid

Als u voor meer dan 35% arbeidsongeschikt bent, heeft u tot uw AOW-leeftijd recht op gedeeltelijke voortzetting van uw pensioenopbouw. Zonder dat u daar zelf nog premie voor betaalt. Deze premievrije pensioenopbouw is afhankelijk van de mate van uw arbeidsongeschiktheid. Lees meer over arbeidsongeschiktheidspensioen bij bpfBOUW.

Wilt u precies weten wat onze pensioenregeling u biedt?

Bekijk het pensioenreglement van bpfBOUW.

Wat krijgt u in onze pensioenregeling niet?

geen arbeidsongeschiktheidspensioen

Geen arbeidsongeschiktheidspensioen

Werkt u onder cao Afbouw, Baksteen of Bikudak en wordt u arbeidsongeschikt? Dan krijgt u geen arbeidsongeschiktheidspensioen van ons.

Hoe bouwt u pensioen op?

Drie pijlers

A. De Algemene Ouderdomswet (AOW)

De AOW is het wettelijke pensioen van de overheid, voor iedereen die tussen de leeftijd van 15 jaar en de ingangsleeftijd van de AOW in Nederland heeft gewoond of gewerkt. De AOW-ingangsleeftijd is niet meer voor iedereen gelijk. Kijk op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) voor meer informatie over uw AOW-leeftijd en voor de AOW-bedragen. Deze worden jaarlijks aangepast. Let op: heeft u niet altijd in Nederland gewoond of gewerkt? Dan kan uw AOW lager uitvallen.

B. Uw pensioen dat u via uw werkgever opbouwt

De hoogte van dit pensioen vindt u op uw Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Het UPO ontvangt u één keer per jaar zolang u pensioen opbouwt bij bpfBOUW. Op het UPO staat het ouderdomspensioen dat u nu heeft opgebouwd. En het pensioen op uw 67ste als u tot dat moment bij bpfBOUW blijft opbouwen. Op het UPO vindt u ook informatie over het partner- en wezenpensioen. Dat is pensioen voor uw partner en kinderen als u overlijdt. Kijk ook op mijnpensioenoverzicht.nl. Daar vindt u een overzicht van al het pensioen dat u heeft opgebouwd in de banen die u heeft gehad.

C. De pensioenaanvulling waar u zelf voor zorgt

U kunt zelf een aanvulling regelen op uw AOW en het pensioen dat u opbouwt via uw werkgever. Bijvoorbeeld via banksparen of door een verzekering - zoals een lijfrente - af te sluiten.
middelloon

U bouwt pensioen op in een middelloonregeling

Ieder jaar bouwt u pensioen op over een deel van het loon dat u in dat jaar heeft verdiend. U bouwt niet over uw hele loon pensioen op. Wij houden namelijk rekening met de AOW die u van de overheid ontvangt als u met pensioen gaat. Het deel van uw loon waarover u geen pensioen opbouwt, heet ‘franchise’. Over het (maximum) loon min de franchise bouwt u jaarlijks 1,738 % aan pensioen op. Het maximum loon bedraagt per 1 januari 2018 € 59.378,53. Het totale pensioen dat u zo opbouwt, is de optelsom van al die jaren plus de eventuele indexatie. Vanaf uw pensioendatum ontvangt u dit pensioenbedrag, elke maand zo lang u leeft.
Opbouwpercentage

Opbouwpercentage

Dat is het percentage pensioen dat u opbouwt. Elk jaar bouwt u pensioen op over een gedeelte van uw salaris. Het deel van uw salaris waarover u geen pensioen opbouwt, heet ‘franchise’. Over uw brutosalaris min de franchise bouwt u jaarlijks 1,738% aan ouderdomspensioen op. Over uw salaris tot € 59.378,53 bouwt u jaarlijks 1,738% ouderdomspensioen op. Dat doet u niet over uw hele brutosalaris. In 2018 bouwt u over € 13.343,36 geen pensioen op. Dit is het drempelbedrag. U bouwt geen pensioen op over dit bedrag omdat u over dat deel vanaf uw AOW-leeftijd een AOW-uitkering ontvangt. De hoogte van het franchise kan ieder jaar veranderen.

Stel: u verdient € 35.000 per jaar. De franchise is € 13.000. U bouwt in dat jaar 1,738% ouderdomspensioen op over de pensioengrondslag van € 22.000. Dat is € 382,36 in dat jaar. Het ouderdomspensioen dat u bij pensionering ontvangt is een optelsom van alle jaren plus de eventuele indexatie.
premieverdeling

U en uw werkgever betalen beiden voor uw pensioen

U en uw werkgever betalen iedere maand pensioenpremie. In feite is de premie de prijs van uw pensioen. Uw werkgever houdt de pensioenpremie elke maand in op uw loon. Op uw loonstrook staat het exacte bedrag dat u betaalt. De premie die de werkgever betaalt staat niet op uw loonstrook. Vraag bij uw werkgever na of en hoeveel hij bijdraagt aan uw pensioen. U en uw werkgever betalen premie voor ouderdoms- en partnerpensioen. De premie wordt berekend over uw pensioengevend salaris nadat dit verminderd is met de franchise. Afhankelijk van de sector waarin u werkt, betalen u en uw werkgever daarnaast:

  • premie voor de aanvullingsregeling 55min.
  • premie voor arbeidsongeschiktheidspensioen.

De hoogte van de premie verschilt per sector.

Welke keuzes heeft u zelf?

waardeoverdracht

Waardeoverdracht

Als u van werkgever verandert en daardoor naar een andere pensioenregeling gaat, kunt u ervoor kiezen om uw opgebouwde pensioen mee te nemen. We noemen dat waardeoverdracht. Waardeoverdracht vraagt u aan bij uw nieuwe pensioenuitvoerder. Laat u hier vooraf goed over informeren. Of waardeoverdracht een goede keuze is, hangt onder andere af van de financiële situatie van uw huidige en van uw nieuwe pensioenuitvoerder. Als u besluit geen waardeoverdracht aan te vragen, dan blijft uw pensioen staan bij bpfBOUW en wordt het vanaf uw 67ste aan u uitbetaald. U kunt er ook voor kiezen uw pensioen in te laten gaan tussen uw 60ste en uw 67ste. Als u naar een andere pensioenregeling gaat, betaalt u geen premie meer aan bpfBOUW en gaat verder met pensioen opbouwen in de regeling van uw nieuwe werkgever.

Let op!

Dit is een eenmalige keuze! Als u eenmaal gekozen heeft om te ruilen kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. Is bpfBOUW uw nieuwste pensioenfonds? Lees meer over waardeoverdracht bij bpfBOUW.
extra pensioen

Extra pensioen opbouwen

Onze pensioenregeling kent een maximum pensioenloon van € 59.378,53 (in 2018). Over dit bedrag bouwt u automatisch pensioen op bij bpfBOUW. Via de BeterExcedent-regeling kunt u ook pensioen opbouwen over het loon boven deze grens tot een maximum pensioengevend salaris van € 105.075 (in 2018). Zo loopt uw pensioenopbouw gelijk op met het loon dat u ontvangt. U kunt alleen extra pensioen opbouwen via onze BeterExcedent-regeling als uw werkgever deze regeling aanbiedt. Vraag dit na bij uw werkgever. Uw werkgever meldt u aan voor de BeterExcedent-regeling en draagt de bijhorende premie af. BpfBOUW spreekt jaarlijks met werkgevers af hoe hoog deze premie is. Afhankelijk van de afspraak tussen u en uw werkgever kan deze premie deels of volledig op uw loon worden ingehouden.
  • U kunt kiezen uit twee varianten van de BeterExcedent-regeling:
    Beleggingsvariant: uw inleg wordt belegd volgens de richtlijnen van ons beleggingsbeleid. Het pensioenkapitaal dat u met uw jaarlijks beschikbare premie opbouwt, wordt op uw pensioendatum omgezet in aanvullend pensioen. In deze variant is de hoogte van uw aanvullend pensioen afhankelijk van de hoogte van de premie en het behaalde rendement. U loopt individueel beleggingsrisico totdat uw inleg wordt omgezet in aanvullend pensioen.
  • Pensioeninkoopvariant: uw inleg wordt jaarlijks omgezet in aanvullend pensioen. Dit gebeurt op basis van het op dat moment aanwezige spaarsaldo. Uw ingelegde premie wordt niet belegd en u loopt geen individueel beleggingsrisico.

Maakt u geen keuze, dan neemt u automatisch deel aan de pensioeninkoopvariant. Lees meer over de BeterExcedent-regeling.

Stabiel of variabel pensioen bij beleggingsvariant BeterExcedent-regeling

Vanaf 1 september 2016 is de Wet verbeterde premieregeling in werking getreden. Door deze wet kunt u voorafgaand aan uw pensioendatum met het opgebouwde pensioenkapitaal uit de beleggingsvariant van de BeterExcedent-regeling kiezen voor een stabiele of variabele pensioenuitkering.

U kunt shoppen voor een variabel pensioen

BpfBOUW biedt momenteel alleen een stabiel pensioen aan. Daarom heeft u de mogelijkheid om uw pensioenkapitaal uit de beleggingsvariant over te dragen aan een andere pensioenuitvoerder, zoals een pensioenfonds of verzekeraar, als zij u een variabel pensioen kunnen aanbieden. U maakt dan gebruik van het shoprecht.

Let op!

Pensioenaanspraken vanuit de basisregeling vallen niet onder het shoprecht en kunnen niet overgedragen worden.

Hoogte van een variabele en stabiele pensioenuitkering

Bij een variabele pensioenuitkering staat de hoogte van het bedrag niet vast, deze kan jaarlijks hoger of lager uitvallen dan het bedrag van een stabiele pensioenuitkering. Bij een stabiele uitkering staat de hoogte van het bedrag in principe vast. In het reglement van bpfBOUW is bepaald dat een bepaalde financiële situatie kan leiden tot het achterwege laten van indexatie van uw pensioen of in het uiterste geval tot een verlaging van uw pensioen. Hierdoor wordt de hoogte van het bedrag van de stabiele uitkering alsnog aangepast. Laat u goed informeren over de financiële gevolgen shoprecht. Aan zowel een stabiele als een variabele pensioenuitkering zijn risico’s en gevolgen verbonden, laat u daarom vooraf goed informeren. Een financieel adviseur kan u daar wellicht bij helpen.

Wilt u gebruik maken van uw shoprecht?

U dient uw keuze voor een stabiel of variabel pensioen voor de ingang van uw (vervroegde) ouderdomspensioen schriftelijk aan bpfBOUW door te geven. Maakt u geen keuze, dan ontvangt u uw pensioen automatisch op basis van de stabiele pensioenuitkering. Lees meer over shoprecht.
nettopensioenregeling

Nettopensioenregeling

Heeft u een pensioengevend salaris boven € 105.075? Dan bouwt u over het deel boven € 105.075 geen pensioen op. U kunt de pensioenopbouw over dit salarisdeel aanvullen met de nettopensioenregeling. Deze regeling zorgt voor aanvullende pensioenopbouw. U betaalt de premie vanuit uw nettosalaris. Deze regeling is vrijwillig. U bepaalt dus zelf of u deelneemt en bepaalt ook zelf de hoogte van uw deelnamepercentage. Hierbij kunt u kiezen uit deelname voor 25, 50, 75 of 100%. De nettopensioenregeling biedt u het 'Opbouwpakket': U spaart voor een kapitaal dat wordt omgezet in ouderdoms- en nabestaandenpensioen als u met pensioen gaat. Bereken met behulp van de Rekenhulp wat deelname aan de nettopensioenregeling kost en oplevert. Via de Rekenhulp kunt u tevens een offerte voor de nettopensioenregeling aanvragen.
Lees het pensioenreglement voor de Nettopensioenregeling.
partnerpensioen ruilen

Partnerpensioen ruilen voor ouderdomspensioen

Naast ouderdomspensioen bouwt u ook partnerpensioen voor uw partner op. Er kunnen redenen zijn waarom u het partnerpensioen wilt ruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Misschien heeft uw partner zelf een goed pensioen, of misschien heeft u geen partner (meer).

Let op!

Dit is een eenmalige keuze! Als u eenmaal gekozen heeft om te ruilen kan het niet meer ongedaan worden gemaakt. Als u wél een partner heeft moet hij/zij het wel eens zijn met deze keuze. Lees meer over het verhogen van het ouderdomspensioen in het pensioenreglement.
eerder of later met pensioen

Eerder stoppen of langer doorwerken

In plaats van met pensioen te gaan op uw 67ste, kunt u er voor kiezen om uw pensioen eerder in te laten gaan dan op uw 67ste. Dat betekent wel dat uw ouderdomspensioen lager wordt. Eerder met pensioen gaan heeft dus financiële gevolgen. De pensioenopbouw stopt eerder en het ouderdomspensioen wordt verlaagd. U moet er ook rekening mee houden dat de AOW wellicht later ingaat dan uw vervroegde pensioen. Kijk op de website van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) om te zien wanneer uw AOW ingaat. Langer doorwerken zorgt ervoor dat uw pensioen hoger is voor de rest van uw leven. U kunt tot maximaal uw 67ste pensioen opbouwen. Na uw 67ste bouwt u geen pensioen meer op, ook al blijft u langer doorwerken. U kunt uw pensioendatum wel uitstellen. Dat kan tot maximaal uw 70ste. Als u uw pensioen uitstelt wordt uw pensioen hoger, omdat het pensioen minder lang uitgekeerd hoeft te worden. Voor het uitstellen van uw pensioen is het geen vereiste meer dat u een dienstbetrekking heeft na uw 67ste. Daarom hoeft u geen zogenaamde ‘doorwerkverklaring’ meer op te sturen.
 
Lees meer over het uitstellen van uw pensioeningang in het pensioenreglement.
van hoog naar laag

Beginnen met een hoger of lager pensioen

Als u met pensioen gaat, ontvangt u maandelijks hetzelfde bedrag. Soms kan het handig zijn om tijdelijk een hoger of lager bedrag te ontvangen. Het verhogen en verlagen van uw pensioenuitkering is gebonden aan fiscale grenzen. U kiest voor een hoger of lager pensioen op pensioendatum.

Let op!

Dit is een eenmalige keuze! Als u hier eenmaal voor gekozen heeft, kunt u het niet meer ongedaan maken. Meer informatie over tijdelijk een hoger of lager pensioen is te vinden in het pensioenreglement. In Mijn Bouwpensioen ziet u wat het voor uw pensioen betekent als u uw pensioenbedrag aanpast.

Hoe zeker is uw pensioen?

risico

Welke risico's zijn er?

De opbouw en uitbetaling van pensioen gaan over een heel lange periode. Vanaf het moment dat uw pensioenopbouw start tot uw laatste pensioenbetaling kan wel 80 jaar zitten. In zo’n periode verandert de wereld waardoor er risico’s kunnen ontstaan die uw pensioen bedreigen. De risico’s leiden mogelijk tot een tekort. BpfBOUW probeert voorbereid te zijn op de risico’s die uw pensioen kunnen bedreigen. In het verleden is dat niet altijd goed gegaan. Bijvoorbeeld door de snelle stijging van de levensverwachting. Die stijging is namelijk groter dan waarmee we rekening hebben gehouden. Als deelnemers gemiddeld ouder worden, moet hun pensioen langer worden uitbetaald. Wij moeten dan meer geld hebben dan waar we eerder op rekenden.

De rente beïnvloedt de waarde van pensioenen. Pensioenuitvoerders maken van tevoren een inschatting van het geld dat ze nodig hebben om de pensioenen te kunnen uitbetalen. Hoe lager de rente is, hoe meer geld bpfBOUW ‘in kas’ moet hebben om later alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Als de rente over een lange periode laag blijft, maakt dat de pensioenen dus duurder. Ook de beleggingsresultaten kunnen tegenvallen. Daarom zorgt bpfBOUW ervoor dat de beleggingen gespreid worden over meerdere beleggingssoorten. Winst op een belegging kan verlies op een andere belegging goedmaken. Een pensioenuitvoerder kan beleggingsrisico’s ook afdekken. Daar zijn wel kosten aan verbonden. 

Besluiten van het fondsbestuur over het beleid over de hoogte van de premie en de indexatie zijn voor een belangrijk deel gebaseerd op de beleidsdekkingsgraad van het pensioenfonds. Vanaf 2015 moeten pensioenuitvoerders bij beleidsbeslissingen gebruikmaken van de zogenoemde beleidsdekkingsgraad. De beleidsdekkingsgraad is een gemiddelde over twaalf maanden. Bekijk onze financiële situatie of bekijk de maandelijkse beleidsdekkingsgraad op de homepage.

Besluit sociaal akkoord 2004

Het pensioen dat voor u zal worden ingekocht omdat u in het verleden gedurende uw dienstbetrekking(en) een of meer perioden heeft gehad waarin minder pensioen is opgebouwd dan op grond van de fiscale regelgeving mogelijk is, wordt pas opgebouwd op het moment dat en voor zover de toegezegde aanspraken zijn gefinancierd. Wanneer uw deelname aan de pensioenregeling eindigt voordat deze aanspraken (volledig) zijn gefinancierd, heeft u alleen recht op het op dat moment gefinancierde en opgebouwde deel van deze pensioenaanspraken. Indien bij beëindiging van de deelname aan de pensioenregeling nog geen toegezegd pensioen over verstreken dienstjaren voor u is ingekocht en opgebouwd, heeft u dus ook geen recht op dit deel van uw toezegging. Als aan u is toegezegd dat pensioenaanspraken over verstreken dienstjaren worden ingekocht, dan moeten deze uiterlijk binnen vijftien jaren nadat de toezegging is gedaan, zijn gefinancierd. Wanneer u binnen die vijftien jaar met pensioen zou gaan, moeten de in te kopen pensioenaanspraken al eerder zijn gefinancierd, namelijk uiterlijk op het moment van uw pensionering. Een eenmaal gedane toezegging tot inkoop van aanspraken over het verleden kan in beginsel niet worden ingetrokken of gewijzigd.

waardevast pensioen

Waardevast pensioen

Normaal gesproken wordt geld elk jaar iets minder waard. U kunt met hetzelfde bedrag in 2018 iets minder kopen dan in 2017. Dat heet ‘inflatie’. Vanwege de inflatie probeert bpfBOUW uw opgebouwde pensioen jaarlijks te indexeren. Dat wil zeggen dat het opgebouwde pensioen jaarlijks meegroeit met de algemene prijsstijging. Wij noemen dit een waardevast pensioen. Het lukt niet altijd om de pensioenen mee te laten groeien met de stijging van de prijzen. We kunnen uw pensioen verhogen als de financiële situatie van bpfBOUW goed genoeg is. De afgelopen jaren hebben wij de pensioenen als volgt geïndexeerd:


Indexatie    
Stijging van de prijzen
2017
0,59%
1,38%
2016
0,00%
0,32%
2015
0,00%
0,65%
2014
0,20%
0,98%
2013
0,28%
2,51%
2012
0,00%
2,45%
2011
0,00%
2,34%
2010
0,00%
1,27%
2009
1,45%
1,19%
2008
0,72%
2,49%
2007
2,52%
1,61%

* De cijfers over stijging van de prijzen zijn gebaseerd op cijfers van het CBS over de periode van januari tot en met december. Voor de verhoging van uw pensioen kijken wij naar de periode van september tot en met augustus.
Kunnen wij een jaar de pensioenen niet verhogen? Dan proberen wij dat later alsnog te doen. De gemiste indexatie over 2009 tot en met 2017 is maximaal 8,38%.
Jaarlijks kijken wij of we uw pensioen kunnen verhogen of niet. De beleidsdekkingsgraad is een belangrijke graadmeter hiervoor. We hanteren hierbij de volgende regels:
  • Is de beleidsdekkingsgraad lager dan 104,3%? Dan verlagen wij mogelijk uw pensioen. 
  • Is de beleidsdekkingsgraad 110% of lager? Dan verhogen wij uw pensioen niet. 
  • Is de beleidsdekkingsgraad hoger dan 110%? Dan bekijken we of het mogelijk is om uw pensioen gedeeltelijk te verhogen. 
  • Is de beleidsdekkingsgraad hoger dan circa 125%? Dan kijken wij of het mogelijk is om uw pensioen volledig te verhogen. Dan kijken wij ook of de gemiste indexatie alsnog (gedeeltelijk) kan worden gegeven.
tekort

Als er een tekort is

Ondanks alle voorzorgen kan het gebeuren dat bpfBOUW toch geld tekort komt om op de lange termijn alle pensioenen te kunnen uitbetalen. Dan moet er iets gebeuren. Daarvoor is er een zogenoemd herstelplan opgesteld. In het herstelplan hebben we zorgvuldig afgewogen wat de beste oplossing is om uiterlijk eind 2026 de vereiste dekkingsgraad te bereiken. Belangrijkste maatregel is de pensioenen niet of niet helemaal te verhogen (indexeren) met de stijging van de prijzen  gedurende deze periode. Het herstel kan sneller dan verwacht plaatsvinden, maar ook langzamer. In dat laatste geval kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals het langer uitblijven van indexatie of in het uiterste geval een verlaging van de pensioenen. Wij hebben tot nu toe nog nooit de pensioenen hoeven verlagen. Lees meer over de financiële situatie van bpfBOUW.

Welke kosten maken wij?

Kosten

BpfBOUW maakt kosten om de pensioenregeling uit te voeren. Bijvoorbeeld kosten voor de administratie. Dit zijn kosten die we maken bij het uitbetalen van de pensioenen en het innen van de premies. Ook maken wij kosten voor de communicatie, bijvoorbeeld voor het maken en verzenden van dit Pensioen 1-2-3 en het Uniform Pensioenoverzicht (UPO). We maken ook kosten bij het beheren van het vermogen. Beleggen van het vermogen kost geld. Zo betalen wij de partijen waaraan wij vragen om het vermogen te beleggen. Ook maken wij transactiekosten. Dit zijn bijvoorbeeld de kosten die de beurs in rekening brengt bij de aankoop of verkoop van aandelen of obligaties. In het jaarverslag op onze site vindt u een specificatie van de kosten die wij maken.

Wanneer moet u in actie komen?

waardeoverdracht

Als u verandert van pensioenuitvoerder

Heeft u in het verleden al gewerkt in een andere branche? Dan is de kans groot dat u al pensioen heeft opgebouwd bij een ander pensioenfonds. U kunt er dan voor kiezen het pensioen dat u al heeft opgebouwd mee te nemen naar bpfBOUW. Dit heet waardeoverdracht. Wilt u het pensioen dat u heeft opgebouwd bij een ander pensioenfonds over laten zetten? U regelt dat via Mijn Bouwpensioen. Of u vraagt een aanvraagformulier aan via 020 583 40 40. Op basis van de offerte beslist u of u uw pensioen over laat zetten. Als u een partner heeft, moet uw partner wel toestemming geven. Het voordeel van waardeoverdracht is dat u maar met één pensioenfonds te maken heeft. Bouwt u geen pensioen meer op bij bpfBOUW, dan kunt u uw opgebouwde pensioen meenemen naar een andere pensioenuitvoerder. U krijgt dan later geen pensioen van bpfBOUW maar van de pensioenuitvoerder waarnaar u uw pensioen overdraagt. U vraagt waardeoverdracht aan bij uw nieuwe pensioenuitvoerder.

Een voorwaarde voor waardeoverdracht is dat de financiële situatie van bpfBOUW en de andere pensioenuitvoerder voldoende is. Laat u vooraf goed informeren. Of waardeoverdracht een goede keuze is, hangt onder andere af van de financiële situatie van uw huidige en van uw nieuwe pensioenuitvoerder. Als u besluit geen waardeoverdracht aan te vragen, dan blijft uw pensioen staan bij bpfBOUW en wordt het vanaf uw 67ste aan u uitbetaald. U betaalt geen premie meer aan bpfBOUW en u gaat verder met pensioen opbouwen in de regeling van uw nieuwe werkgever. Let op: dit is een eenmalige keuze! Als u hier eenmaal voor gekozen heeft, kunt u het niet meer ongedaan maken. Vraag waardeoverdracht aan via Mijn Bouwpensioen.
arbeidsongeschiktheidspensioen

Als u arbeidsongeschikt wordt

Als u voor meer dan 35% arbeidsongeschikt wordt, heeft u tot uw AOW-leeftijd recht op gedeeltelijke voortzetting van uw pensioenopbouw. Zonder dat u daar zelf nog premie voor betaalt. Ook kunt u recht hebben op een arbeidsongeschiktheidspensioen. Deze premievrije pensioenopbouw en het arbeidsongeschiktheidspensioen zijn afhankelijk van de mate van uw arbeidsongeschiktheid. Het is belangrijk dat u de gevolgen van uw arbeidsongeschiktheid voor uw pensioen in kaart brengt. Raakt u arbeidsongeschikt, vraag dan altijd premievrije voortzetting aan bij bpfBOUW.
Samenwonen en trouwen

Als u gaat samenwonen, als u gaat trouwen of als u een geregistreerd partnerschap aangaat

Trouwen of een geregistreerd partnerschap is voor uw pensioenregeling hetzelfde. Wij krijgen dit automatisch door van uw gemeente als u in Nederland woont. Als u in het buitenland woont, moet u het zelf aan ons doorgeven door een kopie van uw huwelijksakte naar ons te sturen. Het is belangrijk om te weten dat als u ongehuwd samenwoont uw partner niet automatisch recht op partnerpensioen heeft als u overlijdt. Om uw partner daarvoor in aanmerking te laten komen, moet u aan bepaalde voorwaarden voldoen. U moet bijvoorbeeld een notarieel samenlevingscontract hebben. Om uw partner aan te melden, stuurt u ons een kopie van dit samenlevingscontract. Trouwen, een geregistreerd partnerschap en het aanmelden van een partner hebben geen gevolgen voor uw pensioenopbouw. Maar wel voor uw pensioen als u ooit uit elkaar gaat. Lees meer over trouwen of samenwonen.
scheiden

Als u het samenwonen beëindigt. Of als u gaat scheiden of uw geregistreerd partnerschap beëindigt

Woont u in het buitenland of woont u samen, dan weten wij het niet als u uw relatie beëindigt. Het is belangrijk dat u ons daarover informeert. Woont u in Nederland en gaat u scheiden of beëindigt u uw geregistreerd partnerschap, dan krijgen wij dat door van de gemeente waar u woont. Bij een echtscheiding of bij het beëindigen van een geregistreerd partnerschap heeft uw ex-partner recht op een deel van uw ouderdomspensioen. Het gaat dan om de helft van wat u heeft opgebouwd tijdens uw huwelijk of geregistreerd partnerschap. Ook heeft uw ex-partner recht op een deel van uw partnerpensioen. Uw ex-partner krijgt na uw overlijden het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd tot de officiële scheidingsdatum. Meld uw scheiding binnen twee jaar bij ons. Dat doet u met het officiële formulier van de Rijksoverheid. Wij zorgen voor de verdeling van uw ouderdomspensioen.

Let op!

Het recht op een deel van het ouderdomspensioen geldt niet voor ongehuwd samenwonenden. Ongehuwd samenwonenden moeten zelf afspraken maken over de verdeling van het pensioen. Ongehuwd samenwonenden kunnen wel recht hebben op het partnerpensioen. Lees meer over wat het voor uw pensioen betekent als u uw relatie beëindigt.
verhuizen naar buitenland

Als u verhuist naar het buitenland

Geef ons uw nieuwe adres door. Ook als u in het buitenland verhuist. Wij krijgen dit namelijk niet door van uw gemeente. Verhuist u vanuit het buitenland naar Nederland, schrijf u dan in bij uw nieuwe gemeente en informeer bpfBOUW hierover. Verhuist u in Nederland dan hoeft u niets te doen. Wij krijgen uw adres dan automatisch door. Informatie over de gevolgen voor de AOW vraagt u aan bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB).
werkloos

Als u werkloos wordt

Als u werkloos wordt, stopt de pensioenopbouw. Het is belangrijk dat u de gevolgen van uw werkloosheid voor uw ouderdomspensioen en partnerpensioen in kaart brengt. Bekijk of u uw pensioenopbouw door wilt laten lopen.

Soms zetten wij de opbouw van uw ouderdomspensioen voor een aantal maanden voort. U betaalt hiervoor geen premie. Daarom spreken we van premievrije pensioenopbouw. U kunt de pensioenopbouw ook vrijwillig voortzetten. Dit betekent dat u zelf de premie blijft betalen. Omdat u geen werk heeft, moet u zelf ook het werkgeversdeel betalen. Lees meer over werkloosheid.

Vragen

Vragen?

Bekijk één keer per jaar hoeveel pensioen u in totaal heeft opgebouwd op mijnpensioenoverzicht.nl. Heeft u vragen of maakt u gebruik van de actie- en/of keuzemomenten, neem contact met ons op.