Nettopensioenregeling

Is uw salaris hoger dan € 114.866 (2022)? Dan kunt u geen pensioen meer opbouwen over uw salaris boven dit bedrag. Hierdoor is uw pensioen straks mogelijk lager.

U bouwt over het deel boven € 114.866 geen pensioen op. Een nettopensioenregeling zorgt voor aanvullende pensioenopbouw boven dit bedrag. 

Let op! Vanaf 1 januari 2021 biedt bpfBOUW de nettopensioenregeling niet meer aan en is nieuwe deelname niet meer mogelijk.

Inkooptarieven

Neemt u deel aan de nettopensioenregeling? Als u met pensioen gaat of stopt met pensioen opbouwen bij bpfBOUW, koopt u een nettopensioenuitkering bij ons in. U koopt de uitkering met het beleggingskapitaal dat u bij ons heeft opgebouwd.

U koopt in tegen het inkooptarief dat op dat moment voor de nettopensioenregeling geldt. Hieronder vindt u de tarieven die gelden in het eerste kwartaal van 2022. 

Leeftijd Tarief Leeftijd Tarief
15
21,8779    
42
28,3863
16
22,1196      
43
28,6017     
17
22,3628      
44
28,7945
18
22,6073     
45
28,9956
19
22,8528     
46
29,1718
20
23,0997 47
29,3546      
21
23,3476 48
29,5122      
22
23,5960     
49
29,6794      
23
23,8450     
50
29,8230     
24
24,0942      
51
29,9763      
25
24,3434      
52
30,1060     
26
24,5924      
53
30,2480     
27
24,8411      
54
30,3688      
28
25,0893      
55
30,5039
29
25,3370      
56
30,6361 
30
25,5835      
57
30,7479      
31
25,8288      
58
30,8764
32
26,0725      
59
30,9854     
33
26,3145     
60
31,1100
34
26,5541 61
31,2137     
35
26,7909 62
31,3334
36
27,0249 63
31,4326
37
27,2700 64
31,5495      
38
27,4969      
65
31,6463      
39
27,7342     
66
31,7427      
40
27,9520 67
31,8399      
41
28,1797

Zo leest u de tabel

Deel het beleggingskapitaal dat u heeft opgebouwd door het tarief dat in de tabel achter uw leeftijd staat. Zo berekent u de hoogte van uw ouderdomspensioen. Let op: bij het omzetten rekenen we met uw precieze leeftijd, dus jaren plus maanden.

Rekenvoorbeeld

U heeft een beleggingskapitaal van € 45.000 opgebouwd in de nettopensioenregeling. U bent 67 jaar en gaat op 1 februari met pensioen. De uitkering van uw nettopensioen is dan € 45.000 / 31,8399 = € 1.413 netto per jaar. Dit bedrag krijgt u ieder jaar, zolang u leeft. Dit bedrag komt bovenop uw pensioen uit de basisregeling van bpfBOUW. Het partnerpensioen is circa 75% van het ouderdomspensioen.

Als u stopt met pensioen opbouwen

Stopt u met pensioen opbouwen in de basisregeling van bpfBOUW? Ook dan zetten we uw beleggingskapitaal om in pensioenaanspraken. Dat bedrag berekenen we ook op basis van de tarieven in deze tabel. We zetten het nettopensioen voor u apart. U krijgt het als u de pensioenleeftijd bereikt.

Inkoopfactoren per kwartaal bepaald

De inkoopfactoren waarmee we uw nettopensioen berekenen, worden ieder kwartaal bepaald. Dit was eerst eens per jaar. De inkoopfactoren worden in 2022 gewijzigd per 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober. 

De inkoopfactoren per 1 januari van een jaar neemt bpfBOUW op in het nettopensioenreglement. Bij de omzetting van het opgebouwde kapitaal in een nettopensioenuitkering houden we rekening met de inkoopfactoren zoals die op dat moment gelden. Dit overzicht vervangt het overzicht met inkooptarieven over het vorige kwartaal.

Voor de Nettopensioenregeling worden geen separate beleggingen aangehouden per individuele deelnemer. Het opgebouwde kapitaal van een deelnemer wordt belegd in de verschillende categorieën conform de leeftijdsafhankelijke lifecycle van de deelnemer. De lifecycle van de Nettopensioenregeling kent een onderverdeling in de volgende acht beleggingscategorieën:

  • Vastgoed
  • Grondstoffen
  • Aandelen Ontwikkelde markten
  • Aandelen Opkomende markten
  • Staatsobligaties Korte Looptijden
  • Bedrijfsobligaties
  • Indexleningen
  • Staatsobligaties Lange Looptijden
Wat leverde de nettopensioenregeling u op?
Uw behaalde rendement van de afgelopen 5 jaar kunt u hieronder terugzien.
 
Jaar
Vastgoed
Grondstoffen
Aandelen ontwikkelde markten
Aandelen opkomende markten
Staatsobligaties korte looptijden
Bedrijfsobligaties
Indexleningen
Staatsobligaties lange looptijden
2016
5,2%
19,0%
11,0%
15,4%
2,6%
6,9%
5,1%
2,6%
2017
3,8%
-5,6%
9,3%
23,4%
0,0%
-2,7%
1,5%
0,4%
2018
-1,3%
-9,4%
-4,3%
-11,6%
0,1%
2,2%
-2,1%
1,3%
2019
28,8%
18,9%
28,9%
25,6%
5,7%
9,8%
5,8%
11,7%
2020
-13,2% -23,0% 9,7% 11,0% 4,2% 1,3% 3,9% 11,7%

Hoe bepalen we uw netto rendement?
Ieder kwartaal voegen wij de behaalde netto opbrengst toe. Dit doen we per beleggingscategorie. Uw netto rendement is bepaald na aftrek van de kosten voor vermogensbeheer. De kosten voor vermogensbeheer bestaan uit:
  • Beheervergoedingen: dit zijn de kosten voor het beheren van uw beleggingen.
  • Bewaarloon: dit zijn de kosten voor het bewaren van beleggingstitels bij een bewaarbedrijf.
  • Prestatievergoedingen: dit zijn de vergoedingen voor externe managers, als zij meerdere jaren presteren boven het afgesproken rendement. Deze prestatievergoedingen betalen we altijd uit de extra behaalde opbrengst.
  • Overige kosten: dit zijn bijvoorbeeld audit-, advies-, bank- of administratiekosten die komen kijken bij het beleggen.
  • Transactiekosten: kosten die gemaakt worden bij het kopen of verkopen van posities.