Regelingen bpfBOUW

Alle werknemers die in dienst zijn bij bouwbedrijven, zijn verplicht om aan de basispensioenregeling mee te doen. Elk jaar bouwt de werknemer een beetje pensioen op over zijn pensioenloon. Het maximum pensioenloon is € 59.378,53 (2018).

Naast de basisregeling heeft bpfBOUW nog twee andere pensioenregelingen.
De basispensioenregeling draait vooral om het ouderdomspensioen, maar er zit ook een stuk partner- en wezenpensioen in. Overlijdt uw werknemer, dan krijgt de partner een volledig partnerpensioen uitgekeerd. Bij het overlijden van beide ouders worden de kinderen door het wezenpensioen verzorgd achtergelaten, in elk geval tot en met de periode dat zij studeren, tot uiterlijk 27 jaar.

Arbeidsongeschiktheid

Als er sprake is van arbeidsgeschiktheid wordt de premiebetaling naar rato voortgezet, zonder dat dit bij de deelnemer belast wordt. Bij arbeidsongeschiktheid krijgt uw werknemer een uitkering.
Als het loon van uw werknemer hoger is dan het maximum pensioenloon, kan hij kiezen voor de BeterExcedent-regeling. Dit is een aanvullende pensioenregeling. Binnen de BeterExcedent-regeling is de pensioenopbouw in 2018 gemaximeerd tot een pensioenloon van € 105.075. Voor vragen kunt u bellen met 020 583 5050.
Voor werknemers met een pensioenloon boven € 105.075 in 2018 heeft bpfBOUW de nettopensioenregeling. U bent niet verplicht deze regeling aan te bieden en net als bij de BeterExcedent-regeling, is de basis van de nettopensioenregeling is een beschikbare premieregeling.

Lifecycle

De premie-inleg wordt belegd middels een lifecycle, die verschilt van de lifecycles die gelden in de BeterExcedent-regeling. Het uitgangspunt achter het verloop van de lifecycle in de nettopensioenregeling is dat de deelnemer een iets hoger risico kan lopen, waarmee hij dan ook een grotere kans heeft op extra rendement. Anders dan bij de BeterExcedent-regeling heeft bij de nettopensioenregeling de werknemer over zijn premie inleg al belasting afgedragen. De toekomstige uitkering is vervolgens belastingvrij.
Sommige mensen willen vanwege hun levensovertuiging niet verzekerd zijn en niet meedoen aan een pensioenfonds. Die mensen noemen we gemoedsbezwaarden. Uw werknemer kan een vrijstelling aanvragen.